Ons diepste verlangen (2e) 10-12-17

Marjolijn RusschenAdvent, Preken

2e advent

Ik wil u iets vertellen over David Steindl-Rast. Steindl-Rast is een monnik, van 91 jaar.
Hij leeft in het klooster Mount Saviour in Amerika. Vorig jaar verscheen een boek waarin hij vertelt over zijn lange leven. In dat boek staan ook interviews met hem. STeindl-Rast vertelt in dat boek dat zijn ouders zijn gescheiden, toen hij een jaar of zeven was. Hij heeft toen, als kind, veel gebeden of zij weer bij elkaar mochten komen, maar dat gebeurde niet. De interviewer vraagt hem dan: Veel mensen gaan - als hun gebed niet wordt verhoord - twijfelen aan God, of ze willen niets meer van God weten, hoe was dat voor u?

Steindl-Rast antwoordt: ‘Ik zie het als een groot geschenk dat ik van jongs af aan heb geleerd te vertrouwen op God. Hij zegt: Je kunt het vergelijken met vertrouwen op je ouders. Als je een keer niet krijgt wat je vraagt, verlies je nog niet het vertrouwen in je ouders. Dat verlies je ook niet als je honderd keer niet krijgt wat je vraagt. Zo was het bij mij met het geloof. Ook al gebeurde niet wat ik graag wilde, het vertrouwen op God, zat bij mij toen al zo diep verworteld dat ben ik nooit kwijtgeraakt’. Zo’n vertrouwen, dat ons draagt, door ons hele leven heen, leren wij in de advent. Dát vertrouwen – dat spat af van de Bijbelteksten van vandaag.

Jesaja ziet het al voor zich: Er komt een dag waarop de berg met de tempel van de Heer rotsvast zal staan: verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen. Het is het centrum van de wereld. Alle volken stromen daar samen, en laten zich onderwijzen door God. En als iedereen dat doet, zegt Jesaja, verandert alles. Zelfs de machtigste naties smeden dan hun zwaarden om tot ploegijzers. Geen volk trekt nog het zwaard tegen een ander volk.
Als dat gebeurt, wéten wij niet eens meer wat oorlog ís!

Ook Lucas ziet het al voor zich. De Mensenzoon komt, God komt in onze wereld. Dat is onze redding en verlossing: Want God maakt nieuwe mensen van ons. Hij vernieuwt onze wereld, ons leven en ons samenleven. Dat is de Bijbelse visie op de wereld. God zal zijn schepping, onze aarde vernieuwen en herstellen. En de bijbelse toekomstvisioenen leren ons daarop te vertrouwen. Maar als je om je heen kijkt, zie je het nog niet zo: dat visioen van Jesaja. En de mensenzoon, die komt – wat zien we daarvan?

Maar gelukkig: ook onze vrágen komen aan de orde in de Bijbelteksten. Lucas spreekt over tekenen aan zon en maan en sterren. En over het gebulder en het geweld van de zee. En Jesaja heeft het meerdere keren over verwoesting en geweld. En er staan meer teksten in de bijbel, die gaan over de laatste der dagen, over het vergaan van hemel en aarde.
Hoe moeten we dié dan uitleggen?

Ik heb er maar eens even de Nieuw-Testamenticus Tom Wright op nageslagen, want het is altijd goed om kritisch te zijn op je eigen gedachten. Wright zegt: Een bijbelse visie op de wereld, is dat de schepping door God is gegeven; die schepping is goed.
Wie gelooft ziet dat alles, dat ons gegeven is: Een prachtige natuur, een bonte verscheidenheid aan mensen, Je eigen leven, al die mogelijkheden die wij als mensen hebben. Wie gelooft ziet hoe bijzonder dat is. Die ziet een aarde die vol is van de glorie van God.

Maar je ziet méér: Je ziet ook al het kwaad dat er is. De wereldwijde explosieve bevolkingsgroei, de verwoesting van het milieu, oorlogen, vluchtelingenstromen,  moderne slavernij, de steeds maar toenemende eisen die aan mensen worden gesteld.
Alle administratie en regelgeving in onderwijs en zorg. Alle gegevens die van ons worden verzameld zonder onze toestemming. Het seksuele misbruik, noemt u maar op.  Dat kan toch niet doorgaan? Als je dat ziet, en vooral als je er zelf het slachtoffer van bent, lijkt het wel het einde der tijden.

Hoe leggen we dat uit? Dat kan op verschillende manieren. Er zijn invloedrijke Evangelicale stromingen in het Christendom, vooral in Amerika, die zich heel letterlijk voorstellen dat op een zeker moment, God uit de hemel naar beneden komt, hén als het ware oppikt, en meeneemt naar ‘de hemel’. De afgelopen week werd dat ineens bijzonder actueel.
Want zij denken, dat dat gebeurt, als de joodse tempel in Jeruzalem in ere wordt hersteld.
‘Dan’, zeggen zij, ‘zal Jezus terugkeren en dan zullen alle gelovigen in een fractie van een seconde worden opgenomen in de hemel, de ongelovigen blijven dan verbluft op aarde achter’ (citaat Stevo Akkerman, Trouw, 8 december). Deze mensen stellen zich de hemel voor als een plek ergens ver hierboven. Een aparte wereld, ver van de onze, Die alleen voor hen bestemd is.

Wat je denkt heeft invloed op hoe je leeft. Het zal u dan ook niet verbazen: Dat deze mensen zich geen zorgen maken over het milieu en over oorlogen, of over het lot van de Palestijnen. Zelfs dat velen van die Palestijnen Christenen zijn, maakt hen niet uit. De meest extremen van hen vinden milieuvervuiling en oorlogen zelfs prima. Zij zien onze wereld immers als een doorgangsfase, hoe eerder die voorbij is, hoe beter. Het is niet moeilijk om te bedenken wat de gevolgen zijn als je zo denkt: Angst: zal ik er wel bijzijn, bij die uitverkorenen? En buitensluiting: het heil is alléén voor óns bedoeld. Dit denken leidt ook tot fatalisme: ach, wat doen oorlog en milieuvervuiling ertoe, onze wereld interesseert ons niet.

Ik lees iets anders, en de nieuw-testamenticus Wright gelukkig ook. Wij kijken uit naar de komst van Christus ín ónze wereld. Wij geloven: Zoals Christus ooit al gekomen is.  Zo komt Hij steeds weer naar ons toe, midden in die prachtige schepping én midden in al ons lijden spreekt Hij ons aan.
Hij leert ons lief te hebben. Dat bedoelt Jesaja met zijn visioen. Van Jeruzalem gaat vrede uit, want daar staat het woord van de Heer centraal. En dat leert ons om in vrede samen te leven. Dat is Gods bedoeling voor álle volken. Als wij luisteren naar het woord van God worden zwaarden omgesmeed tot ploegijzers. Als het woord van God centraal staat, en alle volken zich daarop ríchten, dan komt de hemel op aarde. Dan wordt de aarde een plek waar je kunt wonen. Als God in ons midden woont, is er een thuis voor iedereen.
Want de hemel is in de bijbel niet een plek die wij kunnen aanwijzen in onze ruimte of tijd.
Je kunt niet zeggen: Het is daar of daar in de ruimte, je kunt ook niet berekenen wanneer die komt. De hemel is een dimensie van de werkelijkheid, die -op een manier, die wij niet kunnen bevatten - sámenvalt met ónze werkelijkheid. Soms zeggen wij: Dit is de hemel op aarde. Daar gaat het God om: Dat onze wereld vol wordt van de liefde van God.

Wat je denkt heeft invloed op hoe je leeft. Als je dit gelooft word je niet angstig, maar dan krijg je vertrouwen, dan sluit je niet anderen buiten, dan hoort de ander erbij, dan zie je de waarde van ieder mens. Dan geef je niet de moed op, Maar dan blijf je je tot je laatste adem oefenen in het doen van liefde. Daarom zijn zulke visioenen zo belangrijk. Zij geven ons kracht en vertrouwen, Daarmee houden we het vol. Daardoor weten we dat het niet zinloos is om je in te zetten voor het milieu, voor vrede en recht, of voor je zieke buurvrouw, of voor de verkondiging van het woord van God. Zulke visioenen leren ons om hoop te houden voor onszelf, voor onze kinderen en voor onze aarde.

Ook liturgie kan ons vertrouwen sterken. In liederen en gebeden uiten wij onze pijn en moeiten, maar goede liturgie wijst ook daarboven uit. God loven en prijzen geeft ons de kracht om het leven aan te kunnen.

Er is nog zoveel meer dat ons vertrouwen sterkt. Goede en mooie ervaringen van liefde bijvoorbeeld, of mooie muziek. Een paar weken geleden was hier in de kerk een concert van Toonkunst. Het was een prachtig concert, waarin even iets heel bijzonders gebeurde. De sonate in C van Mozart voor orkest en orgel werd gespeeld. Het orgelspel van Arjen was zo prachtig – hemels gewoon - iedereen hield de adem in. Even was de hemel op aarde. Ook zo’n ervaring wijst uit boven zichzelf. Op zo’n moment ervaren wij iets van het rijk van God.

Alle goede kunst wijst boven zichzelf uit, vind ik. Ook een gebouw dat functioneel is en prachtig tegelijk. kan een stukje hemel op aarde brengen, net zoals de gouden stad in de Openbaring ons de hemel op aarde wil laten zien.

Dat geldt ook voor literatuur. Veel boeken in onze tijd beschrijven alleen maar hoe absurd ons leven is. Als je zo’n boek leest, word je helemaal treurig. Maar gelukkig zijn er ook andere schrijvers. Ook zij vertellen hoe wij worstelen met onszelf en met anderen, maar in hun boeken proef je óók de liefde en hoop. En zo sterken zij ons vertrouwen.

Want dat is toch wat wij hopen, voor onszelf, maar vooral voor onze kleine kinderen en jonge mensen, dat er, net als bij David Steindl-Rast zo’n rotsvast vertrouwen in hen groeit, dat zij de moeilijkheden in hun leven aankunnen, en dat zij zich, net zoals Steindl-Rast dat deed, ieder op hun eigen wijze inzetten voor recht en voor vrede op aarde.

Amen.

Jesaja 2 vers 2-5, Rom 15 vers 4-13 en Lucas 21 vers 25-36